De Noormannen in Nederland: Geschiedenis hunner invallen gedurende de negende, tiende en elfde eeuwen, met opgave van derzelver gevolgen, uit echte bronnen geput, Volumes 1-2

Voorkant
Van Paddenburg, 1834
0 Recensies
 

Wat mensen zeggen - Een review schrijven

We hebben geen reviews gevonden op de gebruikelijke plaatsen.

Geselecteerde pagina's

Overige edities - Alles weergeven

Veelvoorkomende woorden en zinsdelen

Populaire passages

Pagina 205 - Niet alleen werden de kloosters, zoo wel uit haat tegen het christendom , als om, den rijken buit, dien zij opleverden, (<?) van hunne kostbare sieraden beroofd of in de asch gelegd, maar ook de hun toebehoorende landhoeven werden zoo verwoest , dat men er geene inkomsten meer van kon trekken, (ƒ) De schrijvers weten geene uitdrukkingen te vinden, om het vernielende dezer togten aan te duiden ; zij trachten zich door verschillende beelden verstaanbaar te maken. <c De Deenen...
Pagina 313 - Salmon, Pippin rex and sin sune, thi minnera Kerl; hi was minnera and hi was betera, hi stifte and sterde triwa ande werde ande hi sette thera kenega ieft ande allera liuda kest and londriucht ande allera londa eccum sin riucht.
Pagina 149 - ... wilde dier zoekt den hollen boom en de beschutting der bergen , waarin het zijn leven bewaren kan. Intusschen weent en schreit het jonge kind , en wijst op zijne...
Pagina 102 - Wie zou met drooge oogen de rampen van ons volk en der Heiligen kunnen optellen ? Ziet en bedenkt, hoe voortreffelijke en heerlijke woningen van Gods dienaren zijn vernield, in brand gestoken en geheel tot niet gebragt, de. altaren in puin begraven en gansch vertrapt, de kostbare en...
Pagina 149 - Inlusschen weent en schreit het jonge kind , en wijst op zijne nakende leden , en het gebrek aan een huis , en op zijnen vader, die hem had kunnen beschermen voor den honger en den kouden winternevel , dat hij nu zoo diep en donker met vier nagelen onder den eik en onder de aarde is besloten en bedekt...
Pagina 105 - Zij zijn gedoopt en herdoopt, en hebben na den doop als heidenen geleefd , christenen gedood , priesters vermoord, aan de beelden geofferd en afgoden offer gegeten. <c Voorwaar," antwoordde hem de Paus , cc zoo zij geen nieuwelingen waren in het geloof, zij zouden de kracht der kanonieke vonnissen ondervinden!
Pagina 149 - Intusschen weent en schreit het jonge kind , en wijst op zijne naakte leden, en het gebrek aan een huis, en op zijn vader die hem had kunnen beschermen voor den honger en den kouden winternevel, en die nu zoo diep en donker met vier nagelen onder den eik en onder de aarde is besloten en bedekt; dan mag de moeder het erf haars kinds verkoopen, omdat zij verplicht is het te behoeden en te bewaren voor koude en honger, opdat het niet door honger en verwaarloozing omkome.
Pagina 13 - t strand De vleugel-draak der wonden. XXII. Wij streden met zwaarden ! Zweeft de dood den held dan nader , Als hij in den storm der speren De eerste wordt geplaatst? Ook hij betreurt dikwijls zijn leven, Die nimmer in gevaar komt ; 't Is moeijelijk eenen lafaard Te wekken tot het zwaardenspel j De bloode maakt nergens Gebruik van zijn hart.
Pagina 172 - De ruiterij der Noormannen viel daarop met lossen teugel op de wijkenden in, en sloeg hen spoedig geheel op de vlugt. Het was in dezen strijd , die even...

Bibliografische gegevens