Constantin Huygens: studiën, Deel 1D.A. Thieme, 1871 - 401 pagina's |
Overige edities - Alles bekijken
Veelvoorkomende woorden en zinsdelen
aanteekening Aerssen Amalia van Solms Amsterdam April Barlaeus Boeck breur brief broeder bruer Christiaan Huygens Constanter Constantin Huygens Costelick daer Dagboek dagen Dagwerck Dedel dichter dien Dijn Doublet Drossaard eenige Engeland Engelsche Febr Frederik Hendrik gaen gaet gedichten geschreven geweest Godt goed goet groote Haag haer heer hert Hofwijck HOOFTs brieven huis huwelijk huys Jacob Cats Jacobus John Donne kinderen Korenbloemen 1658 laet leven literarische Londen maer maken Maurits menschen moeder Muiden Muiderkring Muiderslot naer noyt onze oock Otia lib oude Prins Prinsen Republiek Roemers schijnt SCHINKEL schoon schreef Secretaris seer seggen Sermones siet sijn slechts staen staet stantin sterft sulcken sullen Susanna van Baerle Tesselschade Thorius tusschen vader Venetie Verg vertrok verv Voorhout vrienden vrolijke vrouw waer want weinig weten woning zelf zelve zijner zoon Zuilichem
Populaire passages
Pagina 118 - I begin to think that as litigious men tired with suits admit any arbitrament, and princes travailed with long and wasteful war descend to such conditions of peace as they are soon after ashamed to have embraced ; so philosophers, and so all sects of Christians, after long disputations and controversies, have allowed many things for positive and dogmatical...
Pagina 118 - ... to be the ordinary diet and food of our spirits, and have place in the pap of catechisms, which were admitted but as physic in that present distemper, or accepted in a lazy weariness, when men, so they might have something to rely upon, and to excuse themselves from more painful inquisition, never examined what that was.
Pagina 182 - Gemeen' verwonderingh betaemt mijn' wondren niet ; De Vreemdelingh behoort te swijmen die my siet. Swijmt, Vreemdelingh , en seght, Hoe komen all' de machten Van al dat machtigh is besloten in uw
Pagina 297 - En sluyt hy ons een oogh of twee eer 't avond is, 't Is om een schooner licht; 'k...
Pagina 27 - From bandes, wherein are innocents inclosed : Causing the guiltles to be straite reserved, And freeing those that death hath well deserved. But by her envie can be nothing wroughte, So God send to my foes all they have thoughte.
Pagina 80 - t gebroetsel Dat off Penn' of Degen voert: „Mijn soulas, mijn vreuchden-voetsel, Ah! quitteert VE la Court? Sult ghy eeuwich absenteren?" ('k Schat de Meyt naer Leyden voer) „Wilt mijn flames obligeren Met een expedit retour.
Pagina 394 - k heb aen een deur geklopt, Die steen of ijser was; en, van de stoep geschopt, Als een stout Bedelaer, heb in mismoedicheit Geswolghen een verstockt stilzwijgen, voor bescheit. Wat seght gh
Pagina 89 - t hart Tot sijn afgeleefde dagen, Met veel smart, Om 't meyneedigh swaert te laven Met sijn bloet, En te mesten kray en raven Op sijn goet?
Pagina 118 - ... such conditions of peace as they are soon after ashamed to have embraced; so philosophers, and so all sects of Christians, after long disputations and controversies, have allowed many things for positive and dogmatical truths which are not worthy of that dignity ; and so many doctrines have grown to be the ordinary diet and food of our spirits, and have place in the pap of catechisms, which were admitted but as physic...
Pagina 290 - s menschen allerwijst, dat is op 't aller ghext 8), 65 Ons blindelingh Sermoen, ons oogeloos bedencken? Sou niet des Hemels gunst ons hebben willen krencken, Om binnewaerts te sien, en met de raemen toe, Der stormen en 's geruchts der straeten even moe; Ons goedjen t'overslaen •), en onse drooge Lampen 70 Van olie te versien, om of 10) de Bruigom quamp n), en De middernachtsche dief 12) ons' grendelen ontsloot, En stal ons uyt ons 13), door de reten van de Dood?
