Pagina-afbeeldingen
PDF
ePub

er die plaats voor willen houden”, mr. Andreæ, Vrije Fries XIV, 223 noot.

Bordonchar aannemend als de juiste lezing die uitgave van Porcheron is een van de beste kan men de uitgang ar vergelijken met ar-i in Hundari, achter Bordonch; er was geen bezwaar tegen dit bij •Bord’- te brengen, indien men -on ch als '-ung' en '-ing' mocht opvatten, maar wat doet dan -ari er bij?

Of moet Bordonchar(a) met hedendaags Folsga-ra, -re, -r (Register van # 1482, Oudheden en Gestichten II, 52... Folsgare, ander afschrift Folzegar), vergeleken? Dit zou dan Bordon +ga (dorp) + ra doen veronderstellen.

Nadere onderzoekingen mogen hier bet juiste uit te voorschijn brengen.

Ameland
Traditiones Fuldenses :

21:... in Bintheim. in insula que dicitur Ambla et in uilla Tunu werde...

Van den Bergh, Oork. I, 6. — zie boven blz. 96/7. 122:... bona mea que sita sunt in insula que dicitur Ambla et in uilla Tun werde.

ald. 10. zie boven blz. 97. 60:... In Lanfurt unius bovis terram. In Wacheringe unius. In Feterwrde unius. In Amblum unius.

ald. 7a. zie boven blz. 97. In de VIIIe eeuw is Ameland een eiland, dat hoort bij Oostergo; de Boorne of Middelzee ligt dus westelik; oostelik werd het bespoeld door de latere 'Scholbalch' '). Het 'wad' was in de XIVe eeuw noch niet biezonder diep.

Oorspronkelik zou er een tempel gestaan hebben van de vafgod Foste", die A° 806 zou omvergeworpen wezen: Haijo Cammenga zou dit bewerkstelligd hebben, en in plaats van die tempel een kristelik 'bedehuis' hebben opgericht, dat later 'Foswert' heette :). Zeker stond op Ameland het Foswertklooster 3). A° 1100: Jonkvrouwe Anna, de Edele Heer van Ameland zyn Dog

ter ... liet verzetten het klooster Foswert, dat by haar tyd op Ameland stond, over in Friesland, want het daer veel aanstoot hadde,

1) Zie hiervoor, blz. 26 noot.

2) Frie. Volksalm. 1855, blz. 27. F. Sjoerds, Jaarboeken I, 337; II, 65, 269. Winsemius f° 111. Tijdschrift Ned. Mij. XII, 285. – Ocko Scharl f° 13, 18, 22.

3) Pastoor Hogeman, vooral, Versl. Frie. Genootsch., 1887/8, blz. 405/6.

en zeer gekweld wierde van de kwade schelmen, Pyraten en zeerovers ...

Ocko Scharl (Kroniek XVIe eeuw, maar ongetwijfeld met

oude brokstukken) II boek, 4°. blz. 87. A° 1307: Tidemann Lange, ... Lubeck, ...

Helmich ... Thorn ..... Ammeland.

Hans. Urk. B. II, no. 111. A° 1396: die goede luden van Aemlant in Oest-vrieslant... ruste

lic ende vredelic te bliven tusschen ons ende den Oistoriesen van Oestergoe ende van Westergoe.

Schwartz. I, 257. A° 1398: Aernt heer van Egmonde ... A emlant mit al sinen toebe

horen, dat ghelegen is aen die Scellinge. Schwartz. I, 284. A° 1399: 18 Juni ... enen ... scip man, die sijn scip lichtede, want

tet ouer Wat niet vloeten en mocht... van Staueren ter Lune toe.

Oorl. van Albrecht, 215. Item ... enen scipper, die sijn scip lichte vpt Wat.

ald. 224. Item ... enen scipman die een deel EngelB gelicht hadde vpt

Wat... 7 Juli enen armen man, die syn scip up Wat gelaten hadde in mijns heren dienst, dat die Vriesen branden ...

ald. 225/6. vgl. 236 vv. A° 1400: Mith tha mena achtenim tho Winze in Astergalande ... hab

bat rayth tha goda liodim fan Omlond... feylichheit in vse land thi farane ende tho fletane thi ... ende fan Groninghe Segillat mith Wingimma Segille.

Oudfr. Bloemlezing 1890, blz. 66; Orig. Rijksarchief. Ao 1404: den ghenen, die up desen tyt wonachtich syn in Amelant in Oestvrieslant (neutraliteit).

Schwartz. I, 340. A° 1405: tha van Amelanthe schellet wesa vry anthe qwyt anthe

onbehlest van alle riochten anthe fan alle bernthe in Ferwerthera deel, iefta in eenige deele in onse lanthe van Oostergoo anthe fan Westergoo.

Schwartz. I, 351/2. A° 1466: Haya Heringha'), hauschijp op Aemland... disse decken

ende ors deckennen daer hyr ney come mochten to riochten ende herra Riocht to forfolgheen ... op Aemland ende naet to Ferwert vr da yenne op Aemland ney dam datter nen Decken Riocht haet to Ferwert benna XXV jeer. Schwartz. I, 614 (orig. koll.).

1) Ook Jelmera, en Cammingha, genoemd; vgl. Frie. Volksalm. 1855, blz. 42. Vgl. ook noch Frie. Volksalm. 1866, blz. 120.

't Eiland was vroeger uitgestrekter als nu. Waar nu de Bosplaat ligt, is in 1852 of '53 een ongeschonden ‘urn' gevonden; mogelik lag daar het dorp Sier waar van in 1825 noch sporen zijn ontdekt ').

Het hoort in de VIIIe eeuw bij Oostergo, later bij Ferwerderadeel; in de XVe eeuw scheidt het zich daar ook van af, in de tijd, dat er meer veranderingen in Friesland gebeuren, zie boven blz. 74, 68, 81. Toen ook kregen wel de Cammingha’s hun heerlike rechten.

een

Volgens Halbertsma moet Amlla voor Ambl + ag staan, oquasi ambl , embl, in mythologia Scandinavica, prima omnium mater, et ag, ig, Ags. insula ig-land, idem: insula Amblae. Ex Ambla-land autem fit Ameland, ut ex Ags. 'Ambres-byrig' in pago Wiltshire, nomen hodiernum 'Amesbury'” 2).

M. i. is het 'Ambl +å’; welke â nan on. ey, ags. ég, ig, lat.germ. -avia – in Batavia, Scandinavia 3), Lintawia, Ao 774. — ned. ooi beantwoordt, evenals

ofrie. aan een got. hawi (gen. haujis), ags. hêg, hîg on. hey, nederl. hooi, en

ofrie. , aan got. gawi (gen. gaujis), ags. alleen in samenstellingen -gé (ælge), nederl. gooi on. onbekend.

Dit å komt ook voor in âland, Fr. Wrtb. i. v. alond.

Of “amb l' staat voor 'amel vgl. Förstemann I, iv. -; dan of het 'ambľen zoals Halbertsma wil, te verklaren is waartegen alleen de twijfel opkomt, waarom dit eiland naar ‘ambl’zou heeten

kan ik niet zeggen. De jongere naam zou voor ‘Amel pleiten: Ameland staat toch wel voor ‘Amel-land'. Voor de b, die ingeschoven zou zijn, kan vergeleken "außgavas bij Strabo; en persoonsnamen als 'Ambri' en 'Ambrico', en de volksnaam 'Ymbre', en het eiland 'Amrum', 'Ambrum', vgl. Much, Paul-Braune, Beitr. XVII, 9.

Westergo.

Westergo lag ten westen van de Middelzee. Het droeg zijn naam geheel terecht, zolang ten zuiden er van de 'Suthergo'zich uitstrekte, en de moerassige streken langs en bij en tussen de meren weinig of niet bewoonbaar en bewoond waren.

1) Verslag Fr. Gen. 1853, 23/4.
2) Lexicon frisicum, en Vrije Fries IX, 270/1.
3) Vgl. ook Kern, Taalk. Bijdr. I, 103.

Ik vermoed dat de gouwe het land ten westen tot de Fliestroom besloeg, aan de andere oever waarvan dan Texla lag. A° 733: Karolus cum exercitu venit in Wistragou.

Mon. Germ. I, 8. A° 734: Iterum venit in Wistragou.

ald. 9. A° 734: Wistrachia m.

zie boven, blz. 3, 21, 28. Vita S. Bonifacii: Wester-aeche.

zie boven, blz. 21. Traditiones Fuldenses, cap. VII: Westerriche, No. 1, 28. Westrahe, 73, infra terminos ville Westerbure, zie beneden 't

Register, i. v.; 78, in loco et in uilla ... Stelle, zie beneden 't

Register, i. r.; 86, 131. Westeriche, 74; in loco Hasalon, zie beneden 't Register, i. v. Westerache, 76: in uilla Huron, zie beneden Wastariche, 83: infra terminos uille Westerburge, zie beneden,

't Register, i. v. Westriche, 103. Ao 845: in Westar-buron in pago Westrachi.

Lacomblet I, 27, (orig.) zie beneden ('t Register, i. v.). Ao 855: in pago Westrachi in villa Sceddanuurthi.. Colwi

dum.. A span mora.. Monicesloe.. Keddingrip.. Hern.. Haslum.. Sedlingi.. Deddingiwerbe.. Imiswalde.. Midningi.

Lacomblet, I, Oork. 65; Van den Bergh,

Oorkb. I, 14; Bondam I, 32, zie beneden

('t Register). A° 1086: (ab) Ecberto ... Ex eisdem beneficiis Beato Martino ad eccle

siam Trajectensem, quendam comitatum Frisiae, nomine Ostergowe et Westergowe cum omni iure et utilitate, quam Ekbertus habuit, in proprium tradidimus.

Schwartz. I, 67, vgl. 69; zie hiervoor blz. 29. A° 1089: Ecberto .. ex gratia .. reliquimus.. statim inimicus .. Bona

eius in nostram potestatem accepimus, de quibus comitatum quendam in Fresia, qui vocatur Westergouwe et Oostergouwe,.. ad Ecclesiam , . in Trajecto .. tradidimus.

Schwartz. I, 68. A° 1125: Lotharius abstulit comitatus de Ostergou et Westergou ab ecclesia Trajectensi, quos secundum antiqua privilegia concorporavit comitatui llollandiae.

Beka, blz. 46. A° 1138: comitatum quendam Fresia nomine Hostrogowe et Wes

trogowe Beato Martino ad ecclesiam Trajectensem ... resignavimus, quem injuste eidem ecclesie ablatum .. comperimus.

Muller, Oudste cartularium, blz. 128; Kluit I, (2), 399. A° 1145: comitatum Ostrogowe et Westrogowe cum omnibus appendiciis suis beato Martino.

Muller, a. w. blz. 131. A° 1204: comitatus Fresiae in Oster- et Westergo, et in Staveren.

Kluit II (1), 266, zie beneden ('t Register i. v. Staveren). A° 1276: fan Asterghe and fan Westerga e, Borndegha and Waghenbreghe.

Schwartz. I, 384. A° 1310... Vroenackere .. Wildinghe.. Weenbrugge, omnes et singuli totaque communitas de Westergo.

Schwartz. I, 149. A° 1326: grietmanni ceterique iudices Albe Oestriginis ..... iniurias eorum de Westergoe... condolemus.

Mieris II, 385; Schwartz. I, 174. A° 1326: gretmanni de Westergo per districtus Vronacker, Wildinghe ac Waghenbrugghe ...

Schwartz. I, 175. Beschrijving der zeven Zeelanden (XVe eeuw, begin) dat over (Zeeland)

is streckende fan Starem to Liouwerd, alse Westerga ende Doyngaweerfstal, Weinbritse, mit al hyara toebiheer.

Fr. Rq. 11.

Evenals Austra chia, Ostor-aeche, Astrache, Ostrahe, Ostriki, Osterihe, Osterriche, is Wistrachia, Wester-aeche, Wester-ache, Westr-ahe, Westeriche, Wisterriche, Westriche, wel samengesteld met -achia, – en niet met -chia, ce, -he, chi.

't Komt mij voor dat -aechia 't zelfde is als nfries -each (in Schiermonts- éach), Schiermonnikoogs: -aich; saksies -ooch, -oge; ags. ég, ig, engl. island; middeleeuws-latijn : augia.

De ch maakt de verklaring moeilik; daar hij met de h wisselt, is deze niet als diaeresis opte vatten; maar als verwante; terwijl de k de Fulda se teruggave is van de friese klank; die m. i. explosief gutturale g was: en wel om de ch 1).

De ae =

â, is de friese klank voor de au-; daarnaast staat nú ea- als umlaut; de i in enkele Fulda’se stukken is mischien te vergelijken met de i in ags. ig.

't Woord duidde op de 'insulae' waarvoor men die friese landen aanzag, zie hier voor, blz. 2, vv.

1) Vgl. ook Zs. f. d. A. XXXVI, 77.

Paul.Braune, Beitr. XV, 268.

« VorigeDoorgaan »