Pagina-afbeeldingen
PDF
ePub
[ocr errors]

XX.

de leuning der Brug sloot. Men gelaste toen de Boek. Metselaars Knegts te vertrekken. Terwyl de Straat1766.

stenen opgenomen werden, voeren twee Timmer-
lieden met eene Plyt naar de Brug, daar zy den
Ondersten Dorpel der houte Watertrap dagten af-
teneemen, doch de Tweede Dorpel sprong by ge-
val los; Deeze werd terstond wederom vastge-
maakt; dit verrigt zynde bekwamen zy last om
heen te gaan, zonder dat 'er iet meer uitgevoerd
werd. Verscheide Ingezetenen kwanien op het
gerucht toeschieten. Iemand die omtrent de Brug
woonde, opende zyne Deur, om te zien wat 'er
omging. Een der Zoldaaten riep hem toe, dat
hy die zoude hebben te sluiten, gelyk hy terstond
deed, toen begaf hy zig naar boven, en beschouw-
de de zaak uit een Venster; hier werd hy weder
van anderen gezien, die hem toeriepen , dat hy
dit Venster ook zoude sluiten (d). De Regee-
ring van alles onderrigt, besloot terstond tegen die
onderneming, een Mandement by den Raad van
Brabant te verzoeken. Hier by werd de Raad,
en Rentmeester der Domeinen van Brabant ver-
boden, op zekere boete tegen de hooge Overig-
heid te verbeuren, met het breken aan de Zwy-
mel Brug voort te gaan, en hem gelast, het be-
schadigde in den voorigen staat te herstellen (e).
De zaak kwam hier door tot een geding, voor
den Raad van Brabant, het welk terwyl ik dit
schryve nog onafgedaan is.

Tot

en ki d. G

b

(d) VERKLARING van verscheide Lieden in de NOTULEN van den 17. Februari 1766. Nederlandsche JAARBOEKEN ibi ubi fupra Bladz. 88-96.

(e) Notulen van den 28. Februari 1766. Nederlandsche JAARBOEKEN ibi ubi fupra Bladz. 97–105.

Tot weering van het hooge Water, dat deeze Landen, zederd eenige jaaren zulken merklyken

XX.

Boek. schade had toegebragt, waren van tyd tot tyd verscheide voorslagen gedaan. Op deezen was tot hier

1766. toe niets besloten. De voorslag om een Overlaat Overlaat te leggen tusschen de Dorpen Drunen, en Baard-tusschen wyk in de Langstraat gelegen, smaakte thans de Drunen en Gewesten van Gelderland en Holland. Men was

Baardwyk

'gemaakt. reeds in het voorige jaar, zo verre daar mede gevorderd, dat 'er niets aan ontbrak , dan de nodige kosten, voor de Plaatzen die belang hier in had. den, te verdeelen. Alles zoude volgens de begrootingen op omtrent Tweemaal honderd en zestien duizend guldens komen te staan. Immiddels werd de Regeering deezer Stad van ter zyde ondertaft, of zy van Stads wege, tot dit werk, Dertig duizend guldens geven wilde : doch deeze daar toe ongeneegen, floeg het heuslyk af (f). De voorzittende Schepen , die toen gevallig in den Haag was, schreef, dat hy onvervanklyk zig met eenige Heeren aangaande dien Overlaat, en wat de Stad daar toe geven wilde, ingelaten had, Deeze Brief werd de Regeering bekend gemaakt,die den zelven door den Pensionaris deed beantwoorden , „ dat het gerucht van den Overlaat tot haare

kennis was gekomen. Zy had zig verbeeld, dat de kosten daar toe nodig, uit de Kassen der Generaliteit, en der Gewesten, die 'er belang

in hadden, gevonden zouden werden, zonder , bezwaar der Steden, en Plaatzen in dezelven,

Zy kon niet geloven, dat de Staaten van Gelderland, de Plaatzen hunnes Gewests, die door

den (f) NOTULEN van den 16. Februari en 10. April 1765.

در و

[ocr errors]
[ocr errors]

99

99

[ocr errors]
[ocr errors]

99

وو

ور

وو

den Overlaat bevoordeeld zouden werden, nog
XX.
Boek. ,, die van Holland, het Land van Heusden, en
1766. „ anderen, ja zelf, dat de Raad van Staaten, het

Kwartier van Maazland, eenen byzonderen last
daar voor zouden doen betaalen. Zy vleide

.
,, zig daarom, daar haare Stad, die oneindig

minder belang by den Overlaat, dan deeze Lan

den had, daar van bevryd zoude blyven. Hoe ,, bekrompen Stads Middelen thans waren, wil

de zy egter, om dat zy het werk voor de Stad nuttig oordeelde, daar toe eene redelyke Somme geven. Zy verzogt den voorzittenden Schepen by aanhouding, de ongelykheid, die

'er tusschen het gevorderde, en het gering be„ lang , het geen de Stad 'er, naar maate der » Meyerye, en van het Gemeene Land, ten aan

zien der Vestingwerken, en Bruggen, door

den Overlaat bekomen zoude, aantetonen. De „ Regeering verzogt hem daarop, een redelyk bod,

te doen (8).” Na dat hierover verscheide Brieven gewisseld waren, bood zy Vyfentwintig dui

, zend guldens aan, mits de Stad nimmer met het geene de Raad van Staaten, ter bevordering van den Overlaat, uit de Generaliteids Landen betaalde, belast zoude worden (h). Een der Regeering werd nevens den Pensionáris naar den Haage gemagtigd, om het werk tot stand te brergen. Aldaar floten zy met de Gemagtigden van Holland een overeenkomst van deezen inhoud.

De Overlaat zoude door Holland, gemaakt,

en onderhouden worden. De Stad zoude in » aanmerking van haar byzonder voordeel Vyfen

twin.
(8) NOTULEN van den 20. April 1765.
(6) Notulen van den 17. Mei en 1. Juni 1763.

99

[ocr errors]
[ocr errors]
[ocr errors]

92

[ocr errors]

XX.

2

[ocr errors]

99

twintig duizend guldens eens, daar toe betaaછે

len, zonder dat zy in het vervolg bezwaard, Boek. of iet ten haaren laste gebragt mogen wor

1766. den (i).” De Regeering keurde dit verdrag goed (k) gelyk de Staaten van Holland, en Welt Friesland mede deeden (1). De Algemeene Staaten stonden toe, dit geld op het inkomen der Barakken te vestigen (m). Alle de penningen die men 'er toe op nam werden door de Godshuizen, en Arme Gestichten gegeven, zonder dat eenige byzondere Lieden hier in deel hadden (n). De Overlaat werd in dit jaar begonnen en voltooid. Om 'ér eenig denkbeeld van te geven moet men we ten, dat de Maaz oudtyds langs het Kasteel van Bokhoven, ten zuiden der Stad Heusden, en langs Geertruidenberg gelopen heeft. Na het onderlo pen des Zuid Hollandschen Waards, in her jaar 1421. werd de Rivier, van Bokhoven naar Woudrichem toe, aangebragt, of wel door bedykingen gedwongen , haaren loop derwaars te neemen: Hier door viel die by Woudrichem in de Merwe, zo dat al het Water der Waal, en der Maaze, voor by Gornichem zyn loop moest neemen, welk Bed alleen voorheen door het Waal water gebruikt werd. Hier door moest het Water der boven Rivieren by Yskropping, over de Landen lopen.

Ronts-
NOTULEN van den 19. Juni 1765.
Notulen van den 23. Juni 1765.

RESOLUTIE der Staaten van Holland en West Friesland van den 26. Juni 1765. in de NOTULEN van den 3. Juli 1765.

(m) RESOLUTIE der Staaten Generaal van den 21. Juni
1765. in de NOTULEN van den 3. Juli 1765.
(1) Notulen van den 12. Februari 1766.

[ocr errors]

9

XX.

Rontsom 's Hertogenbosch liep het onverhin. Boek. derd over de laage Landen, en stuitte nergens, 1766,

dan tegen den Melkdyk, die tusschen Waalwyk en Baardwyk, aan den Meerdyk sluit. By naauwkeurige meeting bevond men, dat het verval der Landen tusschen de Dyken, die de Langestraatze Dorpen, ten Zuiden, en ten Noorden, beschutten, omtrent zeven voeten was. Dus was het klaar, dat ingeval daar ter plaatze geenę Dyken lagen, het Water over die Landen zoude lopen, wanneer het door een korter weg, dan voorby Gornichem, in Zee gebragt kon werden. Men besloot derhalven de gemelde Dyken, ter lengte van Twee honderd roeden, tusschen Drunen en Baardwyk, wegtenemen, en ter beschutting der Landen, Twee Leidyken te maaken. Het Land tusschen deezen werd gelyk gemaakt, om het Water gemakkelyker daar over te doen lopen, Tor den jaare 1769, toe, kon men de werking van den Overlaat niet zien, om dat het Water voor dat jaar, tot zo een hoogte niet kwam, dat hy konde werken. In dit, en volgende jaaren, zag men 'er de uitwerking vạn, en 'men bespeurde toen, dat het gewenschte oogmerk daar door be, reikt zoude worden, zo als de volgende jaaren

bewezen hebben.. Vreugde Zyne Doorlugtige Hoogheid, Nederlands Erfover de stadhouder, stond in deezen jaarę zyne hooge be, meerder dieningen te aanvaarden. De Regeering hier ter jarigheid

Stede nam derhalven by tyds in overweging, ter des Prin

dier gelegenheid vreugde te bedryven. Waar toe zy stadhou. zęs van haare Leden benoemde om zulks te over, der, leggen). Volgens besluit der Regeering, op

hun @) Notulen van den 4. Fanuari 1766,

d

sen Erf.

« VorigeDoorgaan »