Proeve van een Friesch en Nederlandsch woordenboek: Bevattende de moeijelijkste woorden der eerstgenoemde taal, met derzelver uitspraak, en aanwijzing der plaatsen, waar dezelve voorkomen; voorafgegaan door eene beknopte schets der Friesche taalL. Schierbeek, 1832 - 107 pagina's |
Overige edities - Alles bekijken
Veelvoorkomende woorden en zinsdelen
Aantoonende wijs aanvoegende wijs aars aeft Alont alsa alzoo anda Angelsaksisch aversa beschadiging betalen beteekent bjade boete deelw Deensch dezelve dijk e-funden eenige emmer fresa Friesche taal Friesland friezen gare gebruikt gelijk geregt geslacht geslotene hoofdsoort goda goed hach hebba hede heid hera hetwelk hiermede verwant Holl Hollandsche hooi huis Hunsingoër Landregt IDIOTICON FRISICUM ieder iemand IJsl IJslandsch kemen klank Klasse klassen klinker koning Landregt landsch lawa Leeuwarden leta lijk lith maken Manl medeklinker meerv meervoud mith moann naamv naamval naeed Nith Onbepaalde wijs opene hoofdsoort oude Friesche Pisel regt regter riucht schijnt scolde sexte skil somtijds spreek syllabe thene ther thera thet hi thit thiu thre thria uitspraak Vervoeging volm Vrouwl WASSENBERGH weide welde werkwoorden wertha wesa WIARDA wonde woord zamen
Populaire passages
Pagina 160 - Hoe hij op dit denkbeeld gekomen is , begri.jp ik niet. Barte is bij mij eene losse noodbrug , uit twee stijlen of balken, evenwijdig van elkander geplaatst, en door planken vereenigd, bestaande, welke dient om het hooi ea koren uit de landen over de sloolen te halen , en na dien tijd gewoonlijk geborgen wordt.
Pagina 142 - ¿s met een beet aardtg , niet een weinigje aardig ; ik ben niet een beel wel, niet eens een weinig wel ; ik heb er niet een beet zin aan , niet een weinig zin aan. Begorden, bevruchten , bezwangeren , dat is , begordelen, van gordel, riem, band om den middel. Zoo zegt men ook : het zwaard omgorden ; even als omhelzen , co'ire , figuurhjk gebezigd.
Pagina 140 - WASSENEEHGH koperen emmer, ett waarom? Omdat aereus in het Latijn van koper , koperen beteekent , en deze emmers van koper zijn. Dit is hier de bedoeling niet. Aeren emmer, of, zoo als onze landlieden spreken, aedamer, is een koperen emmer, waarin men de melk vergadert , om uit het land naar huis te brengen ; van koper gemaakt, omdat zij meer koelte bevattem en zuiverder zijn, dan de houtene j en hierdoor de melk beter bewaard blijft.
Pagina 158 - IJslandsch stemma , rigidilas , stijfheid ; stamr , stijf, hard, onbuigzaam; ook hiertoe zal de uitdrukking : wat ziet hij stemmig (stroef) behooren. Stoeke, tas. Van koorn sprekende. IJslandsch stackr, congeries, eene verzamelde hoop; Deensch stack.
Pagina 158 - Suitelen , zoetelen , allerlei waren , op welke vpijze ook , uitventen. IJslandsch sysla , negotiari , handelen , handel drijven. Swee , op zwee leggen. IJslandsch swaedi, een open veld ; dus op het open veld leggen om te droogen. Svedia beteekent : met een ijzer villen en heeft in den onvolmaakten tijd svaddi, waartoe nu zwade , secula , faix , zal behooren.
Pagina 140 - Jemand het achterste toekeeren , waardoor men thans den aars (nates) bedoelt , doch vroeger, mijns oordeels, den rug toekeeren zal beteekend hebben. In het IJslandsch is het arss. Wil men evenwel de zamentrekking van achterst tot aars niet aannemen , zoo kan men...
Pagina 133 - Hvasa thet lond mitha dick wel wrreke, sa gunge hi oppe then dick anda werpe thre satha inna thet ieth anda swere, thet hi then dick nawt langer muge halde; sa scellath tha sex sibbeste nime dick anda lond anda al sin tilbar98 god anda warie anda halde then dick.
Pagina 151 - Kramen , voor in het kinderbed komen , is niets anders , dan kamereit , zieh in een vertrek onthouden, en is overdragtelijk hiervoor gebruikt. Zoo zegt men ook: Hij houdt zijne kamer , voor hij is ziek, ongesteld. Kreeuwen , kibbelen. IJslandsch at krefia , exigere , eischen , vorderen.
Pagina 82 - Tha fugtin se alsa grimlike273, otslog ma tha Saxum bethe thene erma and thene rika. Thag to tha lesta feng ma of tha Saxum heran and ridderan tha besta.
Pagina 140 - Jlederlandsche woord аar, аder, dat. is, vloeijer, stroomer, dus ook ontlaster, denk, zoudo men , de werking uit deze bron in aanmerking nemende, dit gedeelte van het menschelijke ligchaam als de ontlaster bij uitnemendheid kunnen noemen , hetwelk , mijns oordeels , in aars , met de * er bij , opgesloten ligt. Aebel, voortreflfelijk , braaf; aebel man, voortreflelijk man.
