Pagina-afbeeldingen
PDF
ePub
[ocr errors]

geval sterk gezogen, 'er was zoo veel bloed te Pag. 36. voorschyn gekomen, dat fyn hoofdkussen daar mede geheel bevuilt was , doch hy kon daarop geene verligting bespeuren, hy bleef even ongevoelig, behield den aanval tot den sesden dag, en stierf. Zoo weinig nu de ontlasting kan nutten, zonder de bloedzuigers, zoo weinig is het om het eeven, of men het eene middel voor het andere in het werk stelle. De sterke ontlasting moet voorafgaan, en dan zullen de bloedzuigers het oogmerk gewis volbrengen, daar integendeel dezelven , eerst gebruikt wordende, veel eer Pag. 37. schadelyk zyn, om dat de gal in de eerste wegen de oorzaak telkens vernieuwt. Het is ook geen

. zins zoo moeyelyk, als men zich mogelyk verbeeld, eenige ontlastingen te weeg te brengen, en 't komt alleen maar daar op aan, zal men dit oogmerk gelukkig bereiken, dat men door veel koud water de aandoenelykheid der darmen hersteld; deeze eens hersteld zynde, kan men middelen genoeg vinden, het lighaam te openen, vooral wanneer men de tamarinden gebruikt, en dezelven met ženebladen of jalappe versterkt. Uit het derde geval zoude mogelyk Pag. 38. iemand oordeelen , dat dit zoo moeyelyk was; nog den laatsten dag bragt de Schryver, die zich twee uuren by den zieken ophield, door het geeven van koud water

door het zetten van clysteeren, en door het gebruik van prikkelende middelen te weeg, dat de lyder ,

die zeer sterk snorkte, daar mede ophield, fyne oogen opende, en eenige tekenen gaf, als of hy by Tyn verstand zoude komen. Doch na verloop van drie uuren snorkte hy wederom even sterk was van alle zinnen berooft, en bleef in den verschrikkelyksten aanval leggen. Welke de oor. Pag. 39.

zaak

[ocr errors]

PP 5

[ocr errors]
[ocr errors]

zaak van deeze en andere weder instortingen by den lyder geweest zyn, kan de Schryver niet bepaalen, doch dit is zeker , dat men in foort. gelyke gelegenheden geen oogenblik moet laa. ten voor by gaan, dewyl hier eene geduurza. me oplettenheid, en eene werkdadigheid, door het gezonde verstand, en de ondervinding on. dersteunt, vereischt word, om fyn oogmerk te bereiken. Deeze is ook de rede, dat dezelfde geneeswyże dikwils van andere zonder nut gebruikt word, niet om dat fy niet de regte is, maar om dat veele by het oeffenen der Geneeskunde eene gewoonte volgen, en in dit geval vereischt word iemand, die nadenken kan, die de eene zwaarigheid na de andere weet te overwinnen, by elke zwaarigheid, die overwonnen word, kan onderzoeken, of dezelve waarlyk, dan alleen oogenschynlyk uit den weg geruimt zy, en die geen oogenblik onnut laat voor by gaan.

Eer de Schryver deezen brief sluit , spreekt hy ook nog van den geerst- uitslag. Onder het groot getal lyders, aan heete ziekten in fyn Hospitaal te bed leggende, heeft hy niet meer dan driemaal den geerst- uitslag waargenomen, terwyl op denzelfden tyd zeer veele met denzelven in de stad geplaagd waren. De oorzaak daar van oordeelt hy te bestaan in fyne geneeswyze, dewyl hy aanstonds met het begin van de ziekte zorg draagt, dat het lighaam gezui. vert, en van het overtollige bloed bevryd worde , en kort daar op by de verkoelende middelen den koortsbast voegt , ten einde de vaste deelen van het lighaam kragten genoeg zouden hebben, om de kwaade vogten uit hetzelve te brengen, en hetzelve to bevryden van dat geen,

welk

Pag. 42

Pag. 49.

>

[ocr errors]

welk by eene andere geneeswyze den genoem.
den uitslag zoude voortgebragt hebben.

Eene vallende ziekte, welke op eenen bepaal. Pag. 50.
den tyd weder kwam, heeft de Schryver voor
eenigen tyd gelukkig geneezen, en daar mede
besluit hy deezen brief. 'Een meisje van vyf-
tien jaaren kreeg dezelve overwagt, den eer-,
sten en tweeden dag kwam dezelve op onbe-
paalde tyden en was van langen duur, doch op
den derden en de volgende dagen kreeg fy be-
paalt des avonds ten zeven uuren eenen zeer
zwaaren aanval, welke aanhield tot 's nagts ten
twaalf uuren, wanneer dezelve haar in eene
doodelyke zwakheid verliet.

De nood was
dringend, en, dewyl de pols ook in den tus-
schentyd zeer ras was, liet hy aanstonds eene
ader open, en schreef voor eene amandelmelk
met veel wynsteen en magnesia. Het bloed
wierd daar door wel verkoelt, doch toen ont-

dat in de maag veel gal was, hy schreef daarom een braakmiddel voor, welk het verwagte oogmerk berykte. Kort daar op gaf hy haar den koorts-bast met ammoniac-zout, en tien poeders van deezen baft, elk van een half dragme ,' namen den aanval wech. Het scheen 'of er nog gal in de eerste wegen was, hy gaf daarom nog een braakmiddel, welk veel gal ontlafte, en sy was in weinige dagen volkomen hersteld.

dekte men ,

[ocr errors]

X I I.

و

[ocr errors]

1

Mémoire sur le Traitement des Fistules à

l'anus par la ligature , ou nouvelle Met bode de les guerir sans Operation; par Mr. BoUSQUET, Medecin - Chirurgien de son Excell. Monseigneur le Ba. ron DE BRETUEIL , Ambassadeur de France auprès de S. M. le Roi de Suede. Ou l'on joint le Rapport de Mr. ACREL, Chirurgien, donné à l'Academie des Sciences de Stockbolm, sur ce Mémoire, avec la Réponse de l'Auteur.

Rön, om Fistlar in Ano, eller nytt. saett, at bota dem, utan Operation. EC. Stockbolm Tryckt bos Directeuren Lars Salvius. 1766. 89. 5. bogen.

d. i. Verhandeling over de behandeling der

aars-fistels, door afbinding, of nieuwe manier om dezelven te geneezen zonder Operatie, door den Hr. BOUSQUET, waar by. gevoegd is het berigt van den Hr. ACREL, aan de Academie der Wee. tenschappen in Stockholm gegeeven, over deeze verhandeling, met het ant.

woord van den Schryver. Do

e Hr. BOUSQUET had deeze verhandeling

aan de Koninglyke Academie der Wee. tenschappen overhandigt, om dezelve onder

haare

.

op de fonde

haare Schriften te plaatsen, doch naderhand, dewyl hem het oordeel van de Heeren ACREL en MARTIN, aan welken dezelve ter onderzoekinge was gegeeven, mishaagde, te rug geno. men, en die in de Fransche en Sweedsche taal laaten drukken, waar over de Academie opentlyk haare onvergenoegdheid heeft te kennen gegeeven in Lärda Tidningar 1:66. No. 44.

De Hr. BOUSQUET bepaalt twee soorten van Pag. 12 Aars-fiftels, eene inwendige en zoo eene, welke zoo wel uit als inwendig eene opening heeft , en houd die foort, waar by in den darm geene opening is (cæca externa) voor zeld. zaam. Elk deezer soorten overweegt de Schry. ver na haare verscheidenheden, kentekenen en geneeswyze. Hy verwerpt het snyden , wegens de pyn, de bloedstor

, ting, het gevaar van eene Nagader te kwetsen, en andere toevallen, en geeft den voorkeur aan

Pag. 20. het afbinden.

Sommige geneezen dezelven alleen door de drukking, en dit kan volgens deezen Schryver niet plaats hebben, dan wanneer de inwendige fistelen digt by hét os coccygis en ischii zyn, wanneer deeze deelen konnen dienen tot een steunsel voor de wiek, die in het fondament gestoken word; en op deeze wyze Pag. 22. heeft de Hr. FOUBERT eene filtel geneezen, gelyk blykt uit eene waarneeming, door den Šchryver hier ter plaatse ingelascht. Eens heeft Pag. 34. hy de geneezing volbragt met een brandmiddel, doch hy houd hetzelve in veele gevallen voor Pag. 28. gevaarlyk. Hy toont, hoe moeyelyk het is, in de fistelen, die eene inwendige en eene uitwendige opening hebben, met de fonde de in. pendige opening te ontdekken en bewyst door een voorbeeld van den Hr. FOUBERT, dat Pag. 30.

het

« VorigeDoorgaan »