Pagina-afbeeldingen
PDF
ePub

handelingen toe te kennen, steld sy nog eens dezelfde vraag voor, zonder den tyd te bepaalen, op welken de verhandelingen moeten gezonden worden, zullende eene goude Medaille geeven aan hem, die, op welken tyd het ook zy, aan haar zal hebben toegezonden een werk, welk aan het oogmerk voldoed.

De vraag voor den jaare 1770. is de volgen. de: dat men bepaale, op welke tyden der ziekten, en by welke omstandigheden men de ver. koelende of verhittende geneeswyze moete volgen, en uitlegge de soorten, aart, en wyze, op welke de middelen, die in beide deeze manieren te gebruiken zyn, werken. (Déterminer dans quels tems des maladies, & dans quelles circonstances on doit suivre la méthode rafraîchissante, ou l'échauffante, & d'exposer les especes, la nature & la maniere d'agir des remedes à employer dans l'une & l'autre de ces methodes). De Verhandelingen moeten france gezonden worden aan den Hr. MARRET D. M. Secretaris van deeze Acade. mie, die dezelven tot den eersten April zal ontvangen. De prys is eene goude Medaille van vier honderd livres.

: Verscheide liefhebbers, de bevordering van nuttige Konsten en Weetenschappen zeer ter harten neemende, zyn, door het voorbeeld der Societeiten in Holland en Zeeland, aangespoord, om te Amsterdam, onder den zinspreuk Floreant liberales artes, tot zulke nuttige oogmerken het hunne toe te brengen en jaarlyks een præmie van 30. goude Ducaaten uit te deelen aan den geenen, welke de opgegeeven Vraag na hun oordeel best beantwoord.

De

[ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors][ocr errors]
[ocr errors]

De Antwoorden op de Vraagen moeten niet met eigen Naame, maar met een Zinspreuk geteekend zyn, met een verzegeld Billet, waar op die Zinspreuk en in hetzelve des Schryvers naam en woonplaats gemeld zyn, en zeer leesbaar in het Latyn, Fransch of Nederduitsch franco toegezonden worden aan de Boekverkoopster de Wed. Cornelis van Tongerlo en Zoon, welke den Prys ook zal uitdeelen en het Ver: toog doen drukken, zonder dat de Schryver hetzelve ten deele of in het geheel zal' mogen uitgeeven buiten uitdrukkelyke toestemming van dit Genootschap.

Het Genootschap geeft op voor een Vraag, om voor den eersten Mey 1770. te beantwoorden: Hoedanig is de Natuur, Aart en Voort. teeling der Wormen, welke in Nederland veele jaaren de Paalen der Zee. Dyken, de ZeeSluisen en Huiden der Scheepen doorknaagen? Op welke wyze en tyd komen dezelven in het Hout, waarom op de eene Kust of Plaats meer dan op de andere? Welk is het beste, gemakkelykste en minst kostbaare middel om het Houtwerk op den duur daar voor te beverligen?

Nog steld dit Genootschap voor, om tegen den eersten Mey 1771. te beantwoorden: Welk is het beste Huwelyk tot verkryging eener gefchikte Huishouding voor het gemeene Volk, de Burgerlyke en hooger Staat, op dat zy nuttig voor zig zelven en voor de gantsche Maatschappye mogen zyn? Aan den geenen, welke deeze Vraag best beantwoord, word mede beloofd eene belooning van 30. goude Ducaaten, en aan de twee, welke daar naast aankomen, ieder een præmie van 10. goude Ducaaten.

De

[ocr errors][ocr errors]

Hhh 5

De Oeconomische Societeit van Neder-Oosten. ryk, onder de Protectie van de Keizerinne Ko ninginne opgeregt, heeft eenen buitengewoo. nen prys van vyftig Ducaaten belooft voor dengeenen, die de volgende vraag 't best zal beantwoorden: Welke zyn de beste en schielykste middelen, om de gemeene weyden van Neder. Oostenryk te verdeelen en te verbeteren, zoo dat men in bet oog boude de legging, eigenschappen van den grond, en de grootste voordeelen van den landbouw ?

Dezelfde Societeit heeft nog eenen anderen buitengewoonen prys van dezelfde waarde bé. paalt te geeven aan hem, die over de volgende vraag de beste Verhandeling zal gezonden heb. ben: Op welke wyze kan men 't best herstellen den bouw der wyngaarden in Neder-Oostenryk, die eenig. zins vervallen is, zoo dat gelyk gelet worde op de bergen en landen, die 't best daar toe geschikt zyn, en zonder dat de landbouw of de weyden voor de beesten daar door eenig nadeel lyden?

Ook zoude, op bevel van de Keyzerinne Koningin ve, den 1. July 1769. een prys van duizend Ducaaten gegeeven worden aan hem, die zoude aan de hand geeven de beste manier, om het koper zoo zuiver en volmaakt te maaken, als mogelyk is, zonder dat de prys daar door vermeerdere.

Uit twee brieven, geschreeven te Petersburg, den 27. Maart en 1o. April Ouden Styl, konnen wy de volgende Nieuwigheden, de Keizerlyke Academie der Weetenschappen betreffende, mededeelen. De Hr. VAN STÄHLIN, Staads.

Raad,

[ocr errors][ocr errors][ocr errors]

Raad, heeft den poft van Secretaris by de Academie neêrgelegd , en deeze is aan den Hooggel. Hr. JOHAN ALBRECHT Euler opgedraagen, tot dat daar omtrent eene na dere bepaaling zal gemaakt zyn. De Hooggel. Hr. SCHLÖZER heeft van den Graaf WoloDIMIR GRIGORJEWICZ ORLOV fyn ontslag gekreegen, zoo dat hem egter het volle tractement voor het eene jaar, waar toe hy zich nog verbonden had, toegestaan is. De Hr. Lexell een Wiskundige uit Finnland is tot Adjunct benoemd. De Hooggel. Hr. Lowiz is den 9. Maart in Moscau aangekomen, en den

9 15. van daar weder verreist om zich naar Gurjew te begeeven, alwaar hy de passagie van Venus moest waarneemen. De Hr. Adjunct KRAFFT heeft aan de Academie gemeld, dat hy reeds in Orenburg aangekomen was. De overige Sterrekundigen waren ook reeds op de bepaalde plaatsen aangekomen. De Hr. Lieutenant EULER zoude deeze waarneemingen te Orsk doen. De Heeren, welke reisen, om de Natuurlyke Historie van Rusland te leeren kennen, waren ook reeds uit hunne winter-kwar. tieren vertrokken, en zetten hunne reisen voort. De Hooggel. Hr. Pallas heeft aan de Academie verscheide fraaye waarneemingen gezonden.

[merged small][ocr errors]

De Academie der Weetenfchappen te Rouen heeft den Hr. BAILLIERE DE LAISMENT, in plaatse van den Hr. LECAT, in den voorleden jaare overleeden (*) tot Secretaris aangesteld,

[ocr errors]

(*) Zie deeze Biblotheek V.D. 1. St. pag. 205.

zoo dat de geassocieerde Leden, de Schryvers, die na de prysen zullen dingen, en in het al. gemeen alle geleerden, die aan de Academie de eene of andere zaak hebben mede te deelen, zich aan den genoemden Heer, als Secretaris voor het gedeelte der Weetenschappen en Konften, rue de la Chaîne à Rouen, hebben te adrefleeren

[ocr errors]

De Hr. CHRISTIANUS FREDERICUS JAEGER is te Tubingen Hoogleeraar der Kruidkunde geworden.

De Hr. SCHÜTZER den post van Lyf-artz van fyne Koninglyke Hoogheid, den Kroon - Prins van Sweeden, nedergelegd hebbende, is de Hr. NICOLAAS F. DAHLBERG daar toe benoemd.

De Hr. KÖNIG, die voorheen op kosten van den Koning van Deenemarken de Kruiden op Ysland onderzogt heeft, is met de Zendelingen naar Tranquebar, als Geneesheer, vertrokken. De Koning heeft hem ook eene geldsomme toegelegd, met beding, dat hy voor den Tuin en het Kabinet op Charlottenburg veele merkwaerdigheden zoude verzamelen. Dewyl het Schip het Eiland Madera moet aandoen, hoopt men ook, dat hy aldaar eenige ontdekkingen zal konnen maaken, vooral dewyl men hem aan den Deen. schen Consul op 't sterkste aanbevoolen heeft. .

De Weledele en zeer geleerde Heer BRANKS,

« VorigeDoorgaan »