Kinderen van ons volkSingel Uitgeverijen, 13 sep 2013 - 133 pagina's In Kinderen van ons volk staat het leven en het conflict van de jonge boerin Marie Verberne centraal. Daaromheen wordt het leven geweven van de boerengemeenschap van een Brabants dorp. Marie Verberne kan haar keus niet maken: zal zij met Godefridus van den Breemortel trouwen of kiest zij tenslotte Giel Sleegers? De pastoor staat haar met vaderlijke raad terzijde. Marie trouwt met Godefridus en zij trekken naar de boerderij de Kraayenberg. Als buur krijgen zij Giel, wat Godefridus slecht bevalt. De vete loopt zo hoog dat het tijdens het beugelen zo woest toegaat, dat Giel geraakt wordt door de bol en kort daarop sterft. De dader komt in de gevangenis terecht en zijn vrouw blijft eenzaam achter, in verwachting van haar eerste baby. |
Inhoudsopgave
Gedeelte 1 | |
Gedeelte 2 | |
Gedeelte 3 | |
Gedeelte 4 | |
Gedeelte 5 | |
Gedeelte 6 | |
Gedeelte 7 | |
Gedeelte 8 | |
Gedeelte 9 | |
Gedeelte 10 | |
Veelvoorkomende woorden en zinsdelen
achterhuis alkoof allemaal altaarschel armen avond bietje blauw Breemortel d'akker d'ren da's deur diejen donkere Doruske Timmer Drieka duimstok durske eigen enen evekes gaan gellie gezicht Giel Sleegers ging goed goeje gong Graard handen hansop hebt hemel hennekot herd Hollandse herder hoort houd oe huis Isidoor Jans jonge jongens keek keinder Kerkeind kijken kijkt Klauske kommen komt Kraaijenberg kwam lach lacht licht loopt maken mensen Mieke Vuil mijnheer pastoor moeder mond Nadien Neliske nen bok neven niks notaris Rosier oewen ogen onze òù pastoor Vogels pijp pikhaak pleizier praten priesterkoor Rosier van Heijste schaken schoon sigaar Sjangske staan steekt stil stilte stond tafel trekt v'rum vader Vlemmings Vlokhoven vrouw weer weet wier wijf wind worre zegt de notaris zegt de pastoor zegt Doruske zegt Godefridus zegt ie zegt Marie zegt Verberne ziet zulder zuster zwart

