Pagina-afbeeldingen
PDF
[ocr errors][ocr errors]
[ocr errors]
[ocr errors]

* Daar de vereeniging van de herten, zoo wel als van de handen plaats heeft, en door welken alleen aan de eindoogmerken van de eerste instellinge des Huwelyks kan beantwoord worden, moet de man, als hy vind dat zyne Onderwyzingen van vrugt zyn, en vermaak geven, een uitnemend verrukkelyk genoegen ondervinden, en zyne liefde, voor het waarde voorwerp datze ontvonkt, voelen toeneemen, in maniere als de Poëet, zoo even aangehaald, dezelve toeschryft aan den Vader aller menschen, wanneer die, spreekende van Eva, de hartstoght welke hy voor haar gevoelde, en de beweegredenen voor dezelve, omschryft, in de volgende woorden.

- Noch haar vorm, zoo schoon als men kan wen-
cben ,
Noch teelzucht, all 't gediert en 't vee ook ingeplant,
Maar een veel edeler (op 't Bruilofts Ledikant,
Daar, na myn oordeel, een verborgen en tedere agting
Bespeurt word, kroonende geduurig ons verwagting,
Geeft

(a) Dit komt hier voor als door Eva tegens-Adams gezeght ; - dogh als men 't vergelykt tegens de Vertaling van den Heere J. van ZANTEN, uitgekomen 1728. in 't 7de Boek pag. 297 en de Berymin van den Heer L. PALUDAN US , in 't 8ste Boe pag. 25o. uitgekomen. 173o. zal men vinden, dat v42an dit tegens Rafaël zegt : 't zou kunnen zyn , dat onze SPECTATRICES in 1745, een later Druk gehad hebben, waar in, eene verschikking gemaakt zynde, dit door Eva gezeght word : want zekerlyk

hebben zy wel geweeten welken Text zybybraghten" ,

Geeft me een vermaak,zo groot als haar aanvalligheid,
En haar bekoorlykheén, gepaart met wys Beleid
Die uit haar woorden en bedryf geduurig leeken
Vermengt met liefde, en involging, tot een teken
Dat nimmer feilen kan, van eensgezindheid, met
Geen snoode veinzery of dubbelheid besnet; -
Of liever van één Ziel gehuisvest in twee lyven: '
Een zoete harmony, die eeuwig zal beklyven,
En in den Man en Vrouw gevonden word.

[ocr errors]

r

W

TSAME-E

gebraght worden: - waar tegens ik, nedrig
verzoek te mogen antwoordden, dat de on-
mogelykheit alleen gelegen is in de onwil-
ligbeit; - men kan veel doen als men het
volstandigh wil. - en niets als men, on-
willigh is, en niets onderneemt.
Ik vlei my echter niet met de verwagting
van mynen raad ten deezen opzichten ge-
volgd te zien; ik heb het gewoone en ge-
bruikelyke tegen: enzy, welken by hun zel-
ve nogh het meest in myne redenering toe-
stemmen, zullen er zich , mogelyk, uit
schaamte, en om er zich niet belachlyk me-
de te maken, niet over durven uiten.
Gewoonte, word wel haast een andere natuur
Zyoverbeerd de Wet, de billykheit, de Zeden,
En 't onderdrukt gemoed.
Niets kan er zekerlyk vreemder zyn, dan
dat iemant, zelf maar van een gemeen oor-
deel, kan uitstaan, vervoert te worden, tot
zulke dingen, en verrigtingen, welken tegens
zyn eigen hart opstuiten, en somtyds onuit-
voerlyk zyn, in overeenkomst met zyne ome
standigheden, enkelyk, om dat luiden van aan-
zien en vermogen, goed gevonden hebben,
om zoo te doen, en het onder elkanderen
in gewoonte te brengen; Egter het is zoo:
Iedereen weet het; en iemant, die onder-
neemen zoude om dat algemeene vooroor-
deel te doen ophouden, voor al onder ons
Britten, zou, met even gelyken uitslagh,
mogen ondernemen, om de Wind van 't Zui-
den na 't Noorden te doen wenden, enkelyk
met de kraght van zyne uitademing. -
Gedrochtelyke Domheit! - alle ziek-
- - tCDS,

tens, alle onvolmaaktheden des lichaams, voor welke de luiden van rang gaarne al hunne grootheid zouden geven, om er van ontheeven te wezen, worden nageaapt, door de minder vermogende, en aangezien, als aardigheeden en kentekenen van een zeker fatsoen: - al de ondeugden, al de kwade hoedanigheden der ziele, zyn evenzoo aangemerkt als uitnemende Qualiteiten, als ze met vermogen, geld, en overdaad verzeld gaan: - een gebrek, een mis, een slechte wyze van denken, veranderd in het regte tegendeel, en word nagemaakt, en meerendeels in verdere uitgestrektheit, door dezulken die 't niet scheeld wat zy zyn, als ze maar na de Grooten gelykenen. - Maar van al de Gekheden welken deeze nabootzing van de Grooten veroorzaken, is er geene beklaaglyker voor die 't welzyn der menschen wenschen, als die, welke wy dagelyks onder Gehuwde in Praktyk zien ; luiden, die in der daad en waarheit een zeer uitmuntende liefde en agting voor elkanderen gevoelen, en gaarne aan al de oogmerken van de geheiligde band des huwelyks voldoen zouden, en nergens buitenshuis eenig gezelschap vinden kunnen, welkers ommegang en gesprekken in eenige vergelyking komen, met dat aangename onderhoud 't geen zy in elkanderen vinden, zyn echter, zeer beschroomd, en zeldzaam te samen, in byeenkomsten en gezelschappen. Zy schikken 't zoo dat als de eene uitgaat, de andere te huis blyft; in die omstandigheit meer gelykenende na de spaken van een

- - - - . . . . . . . . . ., Wiel,

« VorigeDoorgaan »