Handboek voor schoolopzieners ...: bevattende al de wetten, besluiten en verordeningen betrekkelijk het lager onderwijs, sedert ... 1795, Volume 2

Voorkant
J. Oomkens, 1847 - 411 pagina's
 

Wat mensen zeggen - Een review schrijven

We hebben geen reviews gevonden op de gebruikelijke plaatsen.

Geselecteerde pagina's

Inhoudsopgave

Overige edities - Alles weergeven

Veelvoorkomende woorden en zinsdelen

Populaire passages

Pagina 228 - WILLEM, bij de gratie GODS, Koning der Nederlanden , Prins van Oranje Nassau , Groot Hertog van Luxemburg, enz. enz. enz. Op de voordragt van onzen Minister van Binnenlandsche Zaken van den 9
Pagina 178 - {geteekend) WILLEM. Van wege den Koning. (get.) JG de MEY van STREEFKERK. Accordeert met deszelfs origineel. De Griffier ter Staats Secretarie
Pagina 165 - dat, onder het aanleeren van nuttige en gepaste kundigheden , de verstandelijke vermogens der kinderen ontwikkeld, en zij zelve opgeleid worden tot alle Maatschappelijke en Christelijke deugden.
Pagina 177 - gratie GODS, Koning der Nederlanden , Prins van Oranje Nassau , Groot Hertog van Luxemburg, enz. enz. enz. Op de
Pagina 238 - van den Minister van Staat belast met de Generale Directie voor de zaken der Hervormde Kerk, te
Pagina 236 - door den Minister van Staat, belast met de Generale Directie voor de zaken der Hervormde Kerk
Pagina 237 - de Minister van Staat belast met de Generale Directie voor de zaken der Hervormde
Pagina 34 - inrigtingen, welke deswege reeds onder U mogen plaats hebben. Te weten, het kan U niet onbekend zijn, dat er dus verre naauwelijks ťťne school in ons Vaderland aanwezig was, alwaar door den onderwijzer eenig geregeld onderrigt in
Pagina 12 - t geen wel aan zwarigheden , maar echter niet aan zoo groote zwarigheden onderhevig is, als men zich meestal verbeeldt; daar sommige plaatsen hetzelve niet meer behoeven, andere de genoegzame bronnen daartoe in zich zelve bezitten; en de behoefte der Onderwijzers in armelijke streken zoo gering is, dat een kleine bijslag voor
Pagina 14 - in hunne ondernemingen, en op eenige verbetering van hun lot konden hopen. Het is deze gunstige gesteldheid der meeste Onderwijzers , ook der zoodanige, van wie zich weinig meer dan goede wil laat beloven, langzamerhand voorbereid door de verzekering, dat eenmaal Wetten op het Onderwijs zouden gemaakt worden, en verder opgewekt door den menschkundigen en

Bibliografische gegevens