Ephemeri vita of afbeeldingh van 's menschen leven, vertoont in de wonderbaarelijcke en nooyt gehoorde historie van het vliegent ende een-dagh-levent haft en oever-aas... Alles deur den autheur met figuren na het leeven afgebeelt |
Wat mensen zeggen - Een review schrijven
We hebben geen reviews gevonden op de gebruikelijke plaatsen.
Veelvoorkomende woorden en zinsdelen
aarde alles alſoo binnen booven Chriſti Chriſtus datſe deelen deeſe dien dieren dierken Dieu dingen doet doodt eenige eerſte eeuwige ellenden eyge eynde faacken felve fiet fijn fijnde fonden gaan gaat gebooden geduurigh geeft Geeſt geeven geheel gelijck Geloof genaade Gods Godt goet groote hadt Hand heel Heere Hemel hert heyt Hierom hoewel Jeſus kleene komen komt kracht Kruys laat leeven lichaam licht lief liefde lijck lijn lucht maackt Matt meede menſch menſchen natuur natuurelijcke neemen nieuw noch ofte omtrent onſe oock oogen quam ſal ſeer ſeght ſelfs ſelve ſich ſien ſijn ſijne ſonder ſoo Soon ſou tijdt tijt Vader verdurven verlaaten verſtant vleeſch vleugelen volgen voort waarheyt Waarom wanneer Want water weer weeſen welcke wercken werelt wille wort wurm ziel
Populaire passages
Pagina 247 - Afgooden [sic] van mijn eyge plaisier ende vermaack; te gelijck met de eer en lot der menschen; waar door ick by dagh ende nacht getracht hebbe, booven andere te willen uytmunten, ende om my met kunstige uytvindingen, ende subtiele handt-greepen, daar over te verheffen.
Pagina 247 - ... verre my dat vermaack gaf, ende dat ick daar door by mijne vrienden ende bekenden reeden hadt, om in die dwaase beesigheeden te blijven ende te volherden
Pagina 84 - Ende haar novt beeter aan hetgcficht vertoonen , als op die tij t , wanneer de wurm vervelt ; en dat men uyt alle de twintigh openingen deefer lucht-aderen , de afltroopende long-pij pkens allengskens ende vervolgens fiet uytgaan.
Pagina 54 - Voorfpraack , fterckt ons in de pijn , Sijn Borgh-toght , heelt des doods fenijn ; Sijn Doorne-kroon, vereert het Kruys , Sijn Kruys...
Pagina 250 - Dat met fulck een grooten ftrijdt fomtijdts is toegegaan, dat my de traanen van benauwtheyt over de wangen liepen. Want het was of daar een ftrijdent heyrleeger in mijn geeft was, \vaar van de eene partey my krachtigh beweeghden om aan Godt te kleeven ; ende de andere om in mijne curieusheeden voort te gaan...
Pagina 111 - Dan hoe gefwint de hant is , de welcke de wurm, noch binnen in het water fwemmende , vat ; hy en kan hem niet ongevleugelt aan fijn gefïcht brengen.
Pagina 247 - Chriitenen,heb ick daar nooyt in beooght , maar wel de Afgooden van mijn eyge...
Pagina 268 - Chriftus , onfcn eenigen leydts-man daar in weefen mach;' of wy gaan eeuwigh verlooren. Soo dat men t'eenemaal de reeden verlieft , wanneer men Godt door de reeden wil begrijpen...
